'Brede welvaart' voor het eerst weer hoger dan voor economische crisis

‘Brede welvaart’ voor het eerst weer hoger dan voor economische crisis

by

De werk-privébalans, het inkomen en de sociale contacten: het gaat best goed met Nederland. De brede welvaart in Nederland is voor het eerst weer hoger dan voor de economische crisis, terwijl het bruto binnenlands product (bbp) per hoofd van de bevolking in 2016 al terug was op het niveau van voor de crisis.

Dat stellen de Universiteit Utrecht en de Rabobank in een update van hun lopende onderzoek. Sinds 2016 meten de universiteit en de bank de brede welvaart, een combinatie van elf onderdelen van welvaart, gemeten in een ‘Brede Welvaartsindicator’ (BWI).

Tevreden over werk, minder over wonen

Die indicator bestaat uit bijvoorbeeld de woontevredenheid, maar ook uit de werk-privébalans, de sociale contacten, het inkomen en werk, en het gevoel van veiligheid.

Dat de brede welvaart nu gegroeid is, komt volgens de onderzoekers vooral door de lagere werkloosheid en de hogere inkomens. Woontevredenheid ontwikkelt zich in negatieve zin, wat de brede welvaartsgroei juist afremt.

Steden scoren slecht op veiligheid

De onderzoekers constateren dat mensen over het algemeen tevredener zijn met hun leefsituatie. Maar wat daarin negatief opvalt, is dat ze niet tevreden zijn met hun woning. Dat geldt vooral voor mensen in de Randstad.

In Den Haag, Rotterdam en Amsterdam is de brede welvaart relatief laag. Dat komt doordat mensen hier de negatieve effecten van verstedelijking zien: de veiligheid is er lager en ook op milieugebied scoren de steden slecht.

Ook op tevredenheid behoren Rotterdam en Den Haag tot de laagste van het land. In Noord-Drenthe, Zuidwest-Friesland en Het Gooi en Vechtstreek is de brede welvaart relatief hoog.

Gele hesjes 

Dat betekent volgens Sjoerd Hardeman, namens Rabobank een van de onderzoekers, ook dat het niet zo slecht gaat met Nederland als mensen soms denken. “Je hoort over gele hesjes en ontevredenheid, dat komt niet tot uitdrukking in het algemene beeld van de brede welvaartsindicator”, zegt hij.

Wel merkt hij op dat er een aantal onderwerpen zijn die al jaren achteruitgaan. “Woontevredenheid zien we al jaren achteruit gaan, door de huidige woningmarkt. We weten bijvoorbeeld dat het voor jongeren in steden heel moeilijk is om aan een woning te komen”, zegt Hardeman. “Maar als we vragen hoe tevreden mensen zijn, zien we een opwaartse trend.”

Welvaart hoog in Noord-Drenthe

Daarbij merkt Hardeman op dat ze subjectieve onderwerpen – hoe gelukkig bent u? – combineren met objectieve resultaten als het gaat om bijvoorbeeld inkomen en veiligheid. “We willen wegblijven van wat mensen enkel leuk vinden. De combinatie van al die factoren zorgt dat we een volledig beeld krijgen van het hele land.”

Dan is te zien dat de brede welvaart grofweg het hoogst is in niet-stedelijke gebieden die niet aan de landsgrens liggen. Zo is de welvaart hoog in Noord-Drenthe en het Gooi, maar laag in de grote steden, Zuid-Limburg, Oost-Groningen en Delfzijl en omgeving.

Goede leven gemeten

Dat de BWI nu ‘pas’ hoger ligt dan het crisisniveau zegt niet direct veel, legt onderzoeker Erik Stam van de Universiteit Utrecht uit. “Wij meten het goede leven in plaats van nauwe economische groei.

Je zag rondom de crisis het bbp heel snel naar beneden gaan en daarna relatief snel omhoog”, zegt Stam. “Een aantal jaar was er minder te besteden en was alles minder zeker.”

Van levensverwachting tot criminaliteit

In de Brede Welvaart ijlt dat langer na. “Het gaat wat langzamer, wat genuanceerder. De BWI is de combinatie van een hoop zaken. Hij neemt op wat mensen voelen en zien, maar haalt die informatie uit veel meer factoren”, zegt Stam.

Andere indicatoren, zoals het bbp of consumentenvertrouwen, geven een misplaatste concreetheid, vindt Stam. “Als je echt wil weten hoe het ervoor staat met Nederland, kun je beter meten van levensverwachting tot fijnstof en van criminaliteit tot inkomen. Zo krijg je een totaalbeeld.”

Bron: Rtlz.nl